Hoe herken je de ondertoon van je huid
De perfecte kleur blush begint bij het kennen van je ondertoon. Je huidtint kan in de zomer of winter veranderen, maar je ondertoon blijft hetzelfde. Grofweg zijn er drie ondertonen: koel, warm en neutraal. Door je ondertoon te bepalen, voorkom je dat blush te grauw, te oranje of juist te fel oogt. Een blush die bij je ondertoon past, laat je huid fris, gezond en natuurlijk stralend lijken, zonder dat hij echt zichtbaar is als een kleurvlak op je wangen.
Verschil tussen huidtint en ondertoon
Je huidtint is hoe licht of donker je huid is, terwijl je ondertoon gaat over de subtiele gloed onder je huid. Iemand met een lichte huid kan zowel een warme als een koele ondertoon hebben, net als iemand met een donkere huid. Het is dus belangrijk om niet alleen naar bleek, licht, medium of donker te kijken, maar vooral naar de onderliggende kleur die je huid uitstraalt.
Zo bepaal je jouw ondertoon
Er zijn een paar simpele tests die je thuis kunt doen om je ondertoon te ontdekken. Doe dit bij voorkeur bij daglicht, zonder felle lampen of direct zonlicht, zodat je het meest eerlijke beeld van je huid krijgt. Gebruik een spiegel en neem even de tijd, want soms lijkt je ondertoon in eerste instantie minder duidelijk dan hij is.
De ader, sieraden en wit test
Kijk eerst naar de aders aan de binnenkant van je pols. Lijken ze meer blauw of paars, dan heb je meestal een koele ondertoon. Lijken ze eerder groen, dan wijst dat op een warme ondertoon. Kun je niet goed kiezen of zie je van alles wat, dan is jouw ondertoon waarschijnlijk neutraal. Kijk daarna naar welke sieraden je het mooiste staan. Staat zilver je frisser, dan duidt dat op een koele ondertoon. Staat goud mooier en oogt je huid dan gezonder, dan is je ondertoon eerder warm. Draag je moeiteloos zowel goud als zilver, dan heb je vaak een neutrale ondertoon. Tot slot kun je jezelf in de spiegel bekijken met een spierwit kledingstuk en een gebroken wit of crème kleur. Lijkt je huid bij spierwit egaler en helderder, dan ben je vaak koel. Lijkt je huid bij crème zachter en minder grauw, dan ben je meestal warm.
De beste blush kleuren per ondertoon
Nu je je ondertoon beter kent, kun je gerichter een blush kiezen. De juiste tint versterkt je natuurlijke kleur, alsof je net een frisse wandeling hebt gemaakt. Zo wordt blush een subtiele finishing touch in plaats van een opvallende kleur op je wangen.
Blush voor een koele ondertoon
Bij een koele ondertoon werken blushes met blauwe of roze ondertonen het mooist. Denk aan zacht roze, framboos, koel mauve en berry tinten. Vermijd te warme perzik of oranjerode blushes, omdat die je huid snel gelig of vlekkerig kunnen laten lijken. Voor een lichte huid met koele ondertoon zijn poederige babyroze tinten vaak heel flatterend, terwijl bij een medium tot donkere huid koel fuchsia of diepe berry kleuren prachtig tot hun recht komen.
Blush voor een warme ondertoon
Heb je een warme ondertoon, dan staan warme, zonnige kleuren je het mooist. Kies voor perzik, koraal, warme abrikoos, terracotta en zachte roesttinten. Deze tinten versterken de natuurlijke warmte in je huid en geven een gezonde, sunkissed gloed. Heel koele roze tinten kunnen je bij een warme ondertoon juist een beetje grauw of onnatuurlijk maken. Bij een lichte huid zijn zachte perziktonen ideaal, terwijl een medium tot diepe huid prachtig uitkomt met koraal, warme roest of gebrande perzik.
Blush voor een neutrale ondertoon
Met een neutrale ondertoon heb je veel vrijheid in kleurkeuze. Meestal staan zowel zachte roze als perzikkleuren goed, zolang ze niet extreem koel of juist heel warm zijn. Roze nude tinten, rozenhout en subtiele koraalroze blushes sluiten vaak mooi aan. Experimenteer met tinten die net iets koeler of warmer zijn om te zien wat je gezicht het meest laat stralen. Let vooral op of de kleur je huid egaler en frisser maakt, in plaats van dat alleen de blush zelf opvalt.
Textuur, intensiteit en aanbrengen
Naast kleur spelen ook textuur en intensiteit een grote rol in hoe natuurlijk je blush oogt. Een tint die perfect bij je ondertoon past, kan alsnog tegenvallen als hij te dekkend of glanzend is voor jouw huidtype of gelegenheid.
De juiste finish kiezen
Heb je een vette huid, dan werkt een poederblush met een satin of matte finish vaak het mooist en blijft hij beter op zijn plek. Bij een droge of rijpere huid zijn cream blushes ideaal, omdat ze zich mooier mengen met de huid en minder in lijntjes kruipen. Wil je een subtiele glow, kies dan voor een blush met een zachte, fijne shimmer in plaats van grove glitters. Bouw de kleur altijd op in dunne laagjes en blend iets hoger op het jukbeen voor een liftend effect. Kijk tussendoor in natuurlijk licht of de kleur echt met je huid samensmelt. Zo zie je direct of de blush bij je ondertoon past: je gezicht oogt fris, je ogen lijken helderder en je huid ziet er gelijkmatiger uit zonder dat de blush de hoofdrol speelt.