Op hoeveel graden was je een wollen trui zonder dat hij krimpt?

Op hoeveel graden was je een wollen trui zonder dat hij krimpt?

Was een wollen trui op maximaal 30 graden, in het wolwasprogramma van je machine en met een centrifugetoerental van niet meer dan 600 toeren. Belangrijker dan de temperatuur alleen is dat er geen temperatuurschommelingen en geen mechanische wrijving zijn: juist de combinatie van warmte en beweging zorgt ervoor dat wolvezels in elkaar haken en de trui een maat kleiner uit de trommel komt.

Waarom wol eigenlijk krimpt

Een wolvezel is bedekt met microscopisch kleine schubjes, een beetje als de dakpannen op een dak. Onder invloed van warmte en vocht gaan die schubjes openstaan. Komt daar beweging bij, dan haken ze in elkaar en schuiven ze niet meer terug. Dat proces heet vervilten en het is onomkeerbaar: een gekrompen trui rek je nooit helemaal terug naar zijn oude maat.

Dat verklaart waarom een korte wasbeurt op 30 graden zonder centrifugeren vaak beter uitpakt dan een voorzichtige handwas in te warm water waarbij je flink staat te kneden. Het is niet de temperatuur op zichzelf die de schade doet, maar wat er tijdens die temperatuur met de vezel gebeurt.

Het juiste programma en middel

Gebruik het wolprogramma en niet het fijnwasprogramma. Het verschil zit in de trommelbeweging: bij wol draait de trommel korte stukjes heen en weer, bij fijne was blijft hij gewoon draaien. Zet het toerental zo laag mogelijk, en gebruik een wolwasmiddel zonder enzymen. Gewoon wasmiddel bevat vaak proteasen, en die breken wol, zijde en kasjmier op den duur letterlijk af.

Laat wasverzachter staan. Wol heeft van nature al een zachte vezel en verzachter laat een laagje achter dat het isolerend vermogen vermindert. Een scheutje azijn in het laatste spoelwater werkt beter als je de vezels wat soepeler wilt houden.

Met de hand wassen

Kies bij dure truien of kasjmier toch voor de hand. Vul een teil met lauw water van rond de 20 graden, los het wolwasmiddel eerst op, leg de trui erin en laat hem tien minuten rustig liggen. Niet wrijven, niet wringen, niet heen en weer bewegen. Spoel daarna met water van precies dezelfde temperatuur, want juist het verschil tussen warm en koud water zet de schubjes in beweging.

Drogen is het halve werk

Nooit in de droger, dat spreekt, maar ook niet op een hangertje. Een natte wollen trui weegt zwaar en rekt onder zijn eigen gewicht uit, waardoor de schouders gaan hangen en de trui langer wordt. Druk het water er eerst uit door de trui tussen twee handdoeken op te rollen en er even op te staan.

Leg hem daarna plat op een droogrek of een schone handdoek, en trek hem voorzichtig in model terwijl hij nog vochtig is. Uit de buurt van de verwarming en uit direct zonlicht, want ook drogen gaat het best geleidelijk.

Hoe vaak je een trui eigenlijk moet wassen

Veel minder vaak dan je denkt. Wol heeft van nature een zelfreinigend vermogen en neemt geuren nauwelijks op. Een trui die je een dag hebt gedragen, hang je een nacht buiten of bij een open raam en is daarna weer fris. Drie tot vijf keer per seizoen wassen is voor de meeste truien genoeg.

Berg ze aan het eind van het seizoen opgevouwen op in plaats van hangend, het liefst in een afgesloten doos of een katoenen hoes met wat cederhout erbij. Motten gaan af op zweet- en voedselresten, dus een trui die je vuil wegbergt is precies het exemplaar dat je in het voorjaar met gaatjes terugvindt.